Prayon-Knauf: circulair initiatief aan de andere kant van de Maas

In de Luikse gemeente Engis zette producent Prayon met zijn buur Knauf een circulaire samenwerking op die voorkomt dat duizenden tonnen gipsafval worden gestort. Erik Desmet, aankoopdirecteur bij Prayon, legt uit hoe een van hun bijproducten een basisbestanddeel wordt bij de buren van Knauf.


29.01.2018 - Klanten getuigen

Schoolvoorbeeld van circulair denken en doen

Chemisch bedrijf Prayon heeft met zijn buur Knauf een schitterend circulair economisch model ontwikkeld. Prayon verkoopt namelijk het gips, een residu van de productie van fosforzuur dat het bedrijf commercialiseert, aan Knauf, dat het gebruikt voor de fabricage van bepleistering, voornamelijk spuit- en afwerkingsgips. Erik Desmet: “Op de site in Engis produceren we basisfosforzuur. Om dat te verkrijgen, bewerken we fosfaaterts met zwavelzuur. Na filtering verkrijgen we fosforzuur. Het bijproduct van dat proces is calciumsulfaat, ook gips genoemd.” Elke geproduceerde ton fosforzuur genereert vijf ton gips en zo produceert Prayon jaarlijks 750.000 ton gips die het nu optimaal valoriseert. Uiteindelijk wordt 650.000 ton van dit gips gebruikt door de naburige Knauf-fabriek, in cementfabrieken of een aantal landbouwtoepassingen. Alleen de hoeveelheden die in de opstartfase en bij de stopzetting van het productieproces worden geproduceerd, worden naar een centrum voor technische ingraving gebracht omdat ze niet aan de specificaties voldoen die Prayon voor haar klanten heeft bepaald.

Startpunt van valorisatie: de Maas oversteken

Het gips dat bij het productieproces van fosforzuur ontstaat, wordt op een transportband geplaatst. “We voegen een beetje kalk toe om de resterende sporen van fosforzuur te neutraliseren. Nadat de kalk is toegevoegd, wordt het gips via transportbanden naar de overkant van de Maas gebracht. Het product valt van de transportband en een bulldozer stapelt het op in opeenvolgende lagen”, vervolgt Erik Desmet. Tussen het moment waarop het gips de productie verlaat en het moment waarop het klaar is voor gebruik, verlopen vier tot zes weken. Het gips moet namelijk opnieuw hydrateren door vocht uit de omgevingslucht op te nemen. Na dit rehydratatieproces schraapt een kraan verticaal door alle lagen. Een bulldozer brengt het dan naar de ingang van een vermaler. Als het uit de vermaler komt, heeft het gips een granulometrie van 0 tot 4 centimeter. Het is hoofdzakelijk dit product dat Knauf valoriseert. “De pleisterproducent gebruikt het gips als belangrijkste grondstof voor de productie van verschillende pleisters voor de bouwsector. We kunnen ook 3 tot 5% gips aan cement toevoegen om de uithardingstijd te verkorten”, legt de aankoopdirecteur uit.

Zoveel mogelijk optimaliseren

Prayon is in Europa bekend als een van de laatste producenten van basisfosforzuur. “We danken die bevoorrechte situatie aan het feit dat we erin geslaagd zijn het geproduceerde gips te valoriseren. De meeste fabrieken in andere delen van de wereld storten het gips namelijk in de oceaan of op een stortplaats of deden dat tot voor kort. Ons doel is het gips zoveel mogelijk te valoriseren en alleen producten die niet aan onze specificaties en die van onze klanten voldoen naar een centrum voor technische ingraving te brengen”.

Hetzelfde werkritme

Knauf gebruikt het door Prayon geleverde gips in alle soorten producten die de fabriek in Engis produceert. Het gaat voornamelijk om spuit- en afwerkingsgips. Beide fabrieken vullen elkaar dus aan, niet alleen omdat ze recht tegenover elkaar liggen, elk aan een andere kant van de Maas, maar ook door hun werkritme dat vergelijkbaar is: de fabriek van Prayon draait de klok rond het hele jaar door, op een pauze van een tiental dagen per jaar na. Ook Knauf draait 24u/24 en de fabriek wordt slechts af en toe een weekend stilgelegd.

Transport: ook met duurzame inslag

Het proces en de manier om dit bijproduct van de fosforzuurproductie te valoriseren maakt van Prayon en Knauf verantwoorde ondernemingen, maar Prayon besteedt ook veel zorg aan het transport van de grondstoffen die het verwerkt. “We werken met magmatisch fosfaaterts uit het noorden van Rusland, waarvan we gemiddeld 400.000 ton per jaar gebruiken. Dat fosfaat is uitzonderlijk wit en zuiver en wordt met schepen met een laadvermogen van 22.000 ton naar Terneuzen in Nederland gebracht. Daar wordt het overgeladen op binnenschepen van 1.800 tot 2.200 ton en naar Engis vervoerd, dat goed bereikbaar is via het water omdat het vlak aan de Maas ligt. Het vervoer met binnenschepen vermindert de CO2-uitstoot aanzienlijk in vergelijking met transport over de weg en het is bovendien goedkoper. We voeren ook zwavelzuur, zwavel en bijtende soda aan over het water. Voor het transport van grondstoffen zoals ammoniak en een gedeelte van de zwavel verkiezen we vervoer per spoor en alleen als we niet anders kunnen, maken we gebruik van vrachtwagens.

Prayon

Prayon is al meer dan honderd jaar aanwezig in België en is wereldleider in de fosfaatsector. De groep produceert een uitzonderlijk ruim gamma producten in uiteenlopende domeinen, zoals geavanceerde meststoffen, producten voor voedings- en industriële toepassingen en herlaadbare batterijen.

Meer info?
http://www.prayon.com

http://www.knauf.be

Ja, dat wil ik wel